
Publiceer je over vijf jaar nog steeds bij een traditionele uitgeverij? Of bestaan zulke bedrijven tegen die tijd niet meer?
Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam organiseerde een discussieavond rond de vraag: Het einde van de uitgeverij? In het panel uitgevers Sander Ruys (Maven Publishing), Joost Nijsen (uitgeverij Podium), literair agenten Paul Sebes en Lolies van Grunsven, en Valentine van der Lande, directeur van crowdfundingplatform Ten Pages. Schrijvers waren er ook aanwezig: Walter van den Berg en Nelleke Noordervliet, die columns voorlazen over de toekomst van het boek.
De opkomst van ebook en printing on demand, de uitbreiding van het aantal internetboekwinkels en de sluiting van steeds meer fysieke boekwinkels, zorgen voor reuring en discussie onder uitgevers en schrijvers. Is de een ervan overtuigd dat binnen aanzienlijke tijd geen traditionele uitgever meer overeind staat, de ander denkt dat het zo’n vaart niet zal lopen, en dat het papieren boek altijd zal blijven bestaan. Op dit moment worden in Nederland nog nauwelijks eBoeken verkocht, slechts 1 à 2 procent van de omzet komt van eBoekverkoop. Niet zo gek dus, dat uitgevers hun energie grotendeels steken in de verkoop van papieren boeken. Valentine van der Lande, directeur van crowdfundingplatform Ten Pages: ‘Tegelijkertijd groeit de omzet uit ebooks hard. Bij ebooks heb je geen productiekosten, waardoor de marges interessanter worden voor uitgevers.’
Veel toekomstscenario’s zijn te bedenken, variërend van een grote rol voor de traditionele uitgeverijen tot een rol die uitgespeeld is, en alles daartussenin. Het panel is het er in ieder geval unaniem over eens dat de traditionele uitgeverij heus nog wel bestaat over vijf jaar. Ruys: ‘Een traditionele uitgeverij, daar stel ik me een verzameling activiteiten bij voor. Al die activiteiten blijven gewoon bestaan. Ik denk wél dat er steeds meer verschillende combinaties komen, dat er marketingbureaus komen die het marketingdeel doen, dat er onafhankelijke redactiekantoren opstaan, dat productie uitbesteed wordt. Er gaat veel veranderen, maar de activiteiten op zich blijven bestaan.’
Wat vaststaat, is dat er altijd een behoefte aan verhalen zal zijn. En dat er meer wegen komen van schrijver naar lezer, meer mogelijkheden. Hoe rap zal de invloed van de digitalisering zichtbaar worden? Ruys: ‘Ik denk dat eBoeken en papieren boeken en luisterboeken nog een heel lange tijd naast elkaar kunnen bestaan. In ieder geval tot wij zelf oud en grijs zijn. Ik kan me wel voorstellen dat mensen die net geboren zijn veel minder nostalgie voelen bij papieren boeken dan wij.’ Uitgever Nijsen: ‘Het leidt geen enkele twijfel dat de toekomst van verhalen en vertellingen qua type drager iets breder wordt dan die nu is.’ Maar het eBoek bijvoorbeeld, gaat al snel een beperkte functie krijgen, denkt hij. ‘Zoals je voor muziek naar Spotify kunt, zo zul je straks via Google, Apple, Amazon en misschien wel Spotify of Bookify, op elk moment, op elke plek van de wereld en op elke drager, een boek lezen. De iPad is nog maar het begin van de revolutie, het is een relatief log apparaat. De rol van de boekhandel wordt waarschijnlijk heel bescheiden.’
Hoewel het panel denkt en hoopt dat de traditionele uitgeverijen niet zullen verdwijnen, is het zich wel bewust van de sterke stroom veranderingen. Er tegenin zwemmen heeft geen zin. Literair agent Van Grunsven: ‘Als iemand nu nog eens vijf jaar de tijd neemt om na te denken of hij wel of niet een eboek uit gaat geven, dan mist hij echt de boot. Dan kan het wél zomaar te laat zijn. Maar ik denk dat alle uitgeverijen zich er ontzettend van bewust zijn dat ze moeten schakelen.’
Schakelen, dat zullen ook de schrijvers moeten doen. Want stel dat er straks mínder traditionele uitgeverijen overblijven? De kans uitgegeven te worden bij zo’n uitgeverij wordt dan nog kleiner. Tegelijkertijd biedt de digitalisering kansen voor de schrijver zelf boeken te maken en uit te geven. Publiceren is vooruitzien, slimme schrijvers zoeken nu dus al naar andere wegen. Zo zal de zelfstandig opererende schrijver zich ondernemersvaardigheden eigen moeten gaan maken; niet alleen een boek schrijven, maar dat boek ook leren promoten en verkopen. Of zulke diensten inkopen. Waar betaalt hij dat allemaal van? Crowdfunding via Ten Pages is een mogelijkheid, of anders een lening afsluiten.
Van Grunsven ziet een gevaar in die ontwikkeling: ‘Er zullen vast veel meer mensen zijn die denken: ik neem het in eigen hand. Dat gaat echt toenemen. En het gaat zulke vormen aannemen dat die situatie ook weer diffuus wordt. Want hoe word je dan zichtbaar als auteur? Auteurs en uitgevers zullen elkaar nodig blijven hebben in de toekomst. Dat is ook goed, dan kan de auteur zich op het schrijven richten, en op de vrije publiciteit, wat hij nu ook al doet voor een groot deel. Het is veel moeilijker voor een losse auteur, die niet aan een uitgeverij verbonden is, om zichtbaar te worden en te blijven. Dat kost zoveel tijd dat je dan geen tijd meer overhoudt om een boek te schrijven.’
Literair agent Sebes ziet de toekomst en de rol van de uitgeverijen en agenten niet zo snel veranderen. ‘Wij bedenken hoe een boek er uit moet zien, hoe het moet heten, wanneer het gelanceerd wordt, in wat voor oplage, waar het komt te liggen. Dat is al decennia zo. Ik besef wel dat het gaat veranderen, maar ik doe dit werk nu twintig jaar, en zóveel is er ook niet veranderd, hoor. Het uiteindelijke uitgeven is nog steeds dat gekut met een rood pennetje in een manuscript. Dat is wat we doen de hele dag.’
Zou Nelleke Noordervliet in deze tijd debuteren, dan zou ze het in ieder geval heel anders aanpakken. ‘De manier waarop auteurs in dit hele spel worden weggezet, ergert mij mateloos.’ Ze doelt onder andere op de marge die voor de auteur overblijft bij verkoop van een ebook: hoogstens 25%. ‘Dat is te laag.’ Sebes: ‘Dat ís ook weinig. Wereldwijd is het een normaal percentage, maar voor de auteur is dat behoorlijk mager.’ Waar het Noordervliet om gaat, is dat de auteur ‘niet meer de sluitpost is in het geheel, een beetje een onhandig element in datgene wat je moet verkopen, maar dat we weer teruggaan naar de auteur als degene die de bron is van het brood dat iedereen verdient.’
In een voorgelezen column schetst ze hoe zij de toekomst van de uitgeverij ziet, en de rol van de schrijver daarin: (…) ‘Uitgevers zitten naar die digitale revolutie te kijken als kippen naar het onweer. Hun reactie is voornamelijk defensief. Alles moet het liefst bij het oude blijven. In precies diezelfde segmentering, met de schrijver als sluitpost en als domme leverancier van content. Kostenopbouw, business model, winstmaximalisatie: breek jij daar je mooie hoofdje maar niet over en schrijf nog eens iets leuks over een dorsvloer en confetti. Schrijvers – ik geef het toe – demonstreren graag ook een kunstenaarsminachting voor geld en ondernemen. Maar dat houdt op. Was de schrijver de bedelaar die met een fooi werd afgescheept en daar nog dankbaar voor moest zijn omdat een uitgever iets in hem en in zijn werk zag, de schrijver wordt nu de ondernemer die zelf het risico draagt, zelf zijn personeel zoekt, zelf de diensten inhuurt die zijn product helpen verspreiden en tot een succes maken. Hij kan het risico delen met anderen. Het is ook de winst of het verlies delen. Hij heeft dan ook zelf, als schrijver, beter inzicht in de kosten. Het zwaartepunt zal niet meer liggen waar die nu ligt: in de productiekosten, overhead van de uitgeverij en boekhandel, maar het zwaartepunt zal liggen in de eigen tijd van de schrijver, en in de marketing van zijn werk. Zo zal dus de toekomst er uit zien: over een paar jaar heb ik een nieuw boek. Ik huur een goede redacteur in, die heeft er een week werk aan, oké, twee. Een andere specialist huur ik in om mijn boek mooi digitaal vorm te geven en op het net te zetten. Pakweg drie dagen werk. Wil ik nog wat extra’s toevoegen in de vorm van beeld en geluid, dan zoek ik daar de goede mensen bij, of ik doe het zelf, zo moeilijk is het niet. Ik huur de diensten in van een man of vrouw die thuis is in reclame en marketing, via alle sociale media die we nu kennen en die nog zullen komen. (…) Ben ik niet tevreden over de diensten die ik heb ingehuurd, ik zoek een ander die het beter doet. (…) Concurrentie gewaarborgd, redelijke prijzen gewaarborgd. Alles opdat de lezer een goed en goedkoop product kan krijgen. (…) Wie kunstenaar en ondernemer wil zijn, moet er wat voor over hebben. En hard werken. En niet bang zijn. Voor de watjes blijft de uitgever bestaan.’
Gaat Noordervliet haar volgende boek alsnog in eigen beheer uitgeven? Dat niet, als je eenmaal zo lang bij een uitgeverij onder dak bent, blijf je zitten. Maar de boodschap aan debutanten is duidelijk.
Alternatieve uitgeverijen
Niet alle traditionele uitgeverijen opereren traditioneel. Uitgeverijen Totemboek en Parelz bijvoorbeeld, gaan op een andere manier om met het in de markt zetten van verhalen. Wat opvalt: beide uitgevers komen oorspronkelijk niet uit het boekenvak, maar waren eerst zelf schrijver.
Totemboek
Yvette Cramer en Femke Meijer richtten in 2002 uitgeverij Totemboek op. Cramer had een achtergrond als journalist en schrijver. Ze schreef artikelen voor management- en computerbladen en ze schreef boeken. Als projectmanager werkte ze bij internetuitgeverij Gopher, waarvoor ze een nieuw label in de markt zette: Mijn eigen boek. Auteurs konden er online manuscripten insturen die voor hen per stuk werden gedrukt. ‘Na een jaar barste de internetbubbel en was het geld op. Toen dacht ik: ik ga voor mezelf beginnen.’ Ze deed een uitgeefcursus en startte Totemboek. Totemboek helpt auteurs bij het uitgeven van boeken in eigen beheer, maar is geen u-vraagt-wij-draaien-uitgeverij. Een van de functies van een traditionele uitgeverij is manuscripten selecteren. Selecteert Totemboek ook? ‘In zekere zin wel. Het is niet zo dat we tegen iedereen zeggen: kom maar hier. We willen altijd eerst een goed gesprek. Wat zoekt de auteur? Is het boek bedoeld voor familie en kennissen, of voor een groter of gespecialiseerd publiek? Soms hebben auteurs alleen een vaag plan. We proberen mensen op weg te helpen, maar dat hoeft niet per se bij ons te zijn. Soms verwijs ik door. Wij hebben bijvoorbeeld een klein fonds over Griekenland. Als iemand met een boek over Griekenland komt ben ik eerder geneigd te zeggen: kom maar bij ons. Maar voor kinderboeken ben je beter af bij een uitgever die daarin is gespecialiseerd. Bewust of onbewust, de boeken die we maken selecteren zich steeds meer uit op basis van onze expertise: biografieën, reisverhalen, oorlogsverhalen, management- en leerboeken. Voor die genres hebben we een netwerk opgebouwd.’
Parelz
Schrijvers Carien Touwen en LeoArie Elsenaar startten in 2009 uitgeverij Parelz. Touwen: ‘We kenden elkaar via schrijffora. We vonden dat veel goede schrijvers te weinig aandacht kregen. Toen stelden we onszelf de vraag: hoe kunnen lezers beter geattendeerd worden op werk van auteurs uit het Nederlands taalgebied?’ Parelz is specialist in korte verhalen geworden. Op hun site kan iedereen zelf een boek samenstellen uit verschillende korte verhalen. ‘De boekhandel is een moeilijke schakel in het verkoopproces, want hoe krijg je ze zover dat ze jouw boeken inkopen? Eerst verkochten we onze boeken volledig buiten de boekhandel om. Nu zijn ze geïnteresseerd om zelf een boek bij ons samen te stellen en dat boek weer aan hun klanten voor te stellen. De Parelz Exclusief boeken, bundels verhalen van één schrijver, worden nu ook gewoon in de boekhandel verkocht.’ Parelz werkt nadrukkelijk samen met traditionele uitgeverijen, en geeft hen de mogelijkheid een kort verhaal te publiceren. Niet zelden publiceert een auteur bij Parelz een kort verhaal, en bij een traditionele uitgeverij een roman. De PR wordt soms samen gevoerd. En selectie, doet Parelz dat ook? ‘Absoluut. Wij zijn heel streng. Zeker 65 tot 75% wijzen we af. Een auteur die bij ons een verhaal heeft gepubliceerd, heeft niet de garantie dat een volgend verhaal ook gepubliceerd wordt. Wel is het zo, dat als je in een verhaal iets ziet, maar er moeten nog wat dingen aangepast worden, je dat bij een kort verhaal sneller voor elkaar hebt dan bij een heel manuscript.’
De column die Walter van den Berg voorlas, ‘Mijn ideale uitgever’, is te lezen op zijn blog
(Dit artikel verscheen in Schrijvenmagazine nr 2, april 2011)